Je bent hier:

LOSSE VETER Social Running

 4  

LOSSE VETER, de meest populaire Nederlandse atletiekwebsite dat ook in magazine-formaat verschijnt, is vrijdag 13 februari op bezoek geweest bij Running Blind Rotterdam. Toevallig stond de Cooperstest op het programma staan, dus poseermomentjes genoeg!.

Lees hieronder de impressie van Losse Veter journalist en fotograaf Rob Weeda.

LOSSE_VETER_2015_4-2
Eric met Ceel, Rick met Ernst en Dick Sen. met Dick Jun. bezig aan de Coopertest

BLIND VERTROUWEN

‘GA HET GEWOON DOEN, DIT GEEFT ZO VEEL PLEZIER!

Hardlopen zonder dat je iets kunt zien. Het kost extra energie. Het vraagt veel van je motoriek. Daar staan de vele voordelen tegenover en dat weten ze maar al te goed bij de Rotterdamse atletiekvereniging PAC. Twintig blinden en slechtzienden vinden daar wekelijks hun hardlooplezier op en rond de baan.

 

In mei 2007 werd daarvoor door John Stoop het fundament gelegd. Op uitno­diging van internist Françoise Klessens kwam hij met Arthur van Gils en Joan Titarsolej bij elkaar met andere slechtzienden bijeen in het Oogziekenhuis Rotterdam. Het gesprek ging over hardlopen voor mensen met een visuele beperking, waarbij Stoop het idee opperde voor deze sporters een groep op te richten. Aldus geschiedde. In­middels kent de landelijke stichting Run­ning Blind naast Rotterdam afdelingen in Den Haag, Utrecht, Amsterdam en Alk­maar, terwijl afdelingen in Leiden en Den Bosch in oprichting zijn. Want hardlopen is één, de sociale contacten die tijdens en vooral na het sporten natiebreed worden gelegd, zijn vele malen belangrijker.

Anno 2015 telt Nederland ongeveer 340.000 blinden en slechtzienden. De verwachting is, dat dit aantal de komende jaren explosief zal stijgen. Over vijf jaar telt ons land naar schatting 380.000 mensen met een visuele beperking. Belangrijkste oorzaken voor die toename zijn de vergrij­zing en diabetes.

Vechtlust

Dat ook andere oorzaken plotseling het licht kunnen doven, ervoer John Stoop. Drie weken voor zijn start in de marathon van Rotterdam werd hij in 1998 op 37-jarige leeftijd getroffen door trombose in zijn rechteroog. Een half jaar later volgde tij­dens zijn training voor de marathon van Etten Leur ook het linkeroog. 'De dokter zei dat iemand normaliter meer kans heeft op het winnen van de Lotto dan op trombose in beide ogen.'
Met nog slechts drie procent licht in zijn lin­keroog en een half procent in zijn rechter­oog stortte Stoops wereld van het ene op het andere moment in elkaar. Zijn werk in de Vereenigde Glasfabrieken in Schiedam raakte hij kwijt, zijn sociale leven devalu­eerde.
Na de crash eenmaal terug bij zichzelf kwam bij hem het idee op weer te gaan sporten. 'Maar hoe ga ik dat bewerkstelli­gen?', hield hij zichzelf voor.
Gedreven door zijn enorme vechtlust ging hij aan de slag. Zijn vrouw Henny, vriend Nico van Noort en zijn geleidehond Escha gaven hem de beslissende zet. 'Met een touwtje maakte Nico me vast aan zijn fiets. Zo heb ik het hardlopen beetje bij beetje weer opgepakt. Niet het vallen was een probleem, maar het landen.'
'Mijn motoriek en mijn energieverbruik wa­ren totaal veranderd. In plaats van energie terug te krijgen voor mijn inspanningen, kostte alles wat ik deed energie. Maar die eerste meters voelden na zo veel ellende als een geweldige bevrijding’, zegt Stoop, die sinds zeven jaar voorzitter is van de af­deling Rotterdam.

Relativeren

Spijkerharde grappen over zichzelf, woord­spelingen, zelfspot, cynisme en een onge­kend vermogen om te relativeren, sleepten Stoop uit het dal waarin hij zo onverwacht was neergesmakt. In 2007 stond hij met zijn buddy op de Coolsingel aan de start van de snikhete 27ste marathon van Rotterdam.
Zijn wilskracht staat model voor zijn strijd om zo veel mogelijk mensen met een visu­ele handicap aan het hardlopen te krijgen. 'Van alle blinden en slechtzienden in Ne­derland hebben er tweeduizend de poten­tie om te kunnen hardlopen. Die mensen proberen we te bereiken. Daartoe werken we samen met andere organisaties, hou­den we open dagen en geven we clinics. We hebben een eigen website, en we heb­ben een op audio gebaseerd filmpje.’

Groot belang

'Niet alleen in sportief maar ook in soci­aal opzicht is sporten met lotgenoten van groot belang', benadrukt Stoop. ‘Daardoor ben je sowieso al veel minder met jezelf bezig en juist dat kan je uit het dal omhoog helpen. Een blinde is immers niet gehandi­capt, hij hééft een handicap. Dat is een we­zenlijk verschil, waarbij nog te weinig wordt stilgestaan. Ik zou willen zeggen: blinden en slechtzienden, kom je huis uit! Jullie moeten je realiseren datje door dingen te ondernemen veel minder met je handicap bezig bent.'
‘Running Blind, waarvan Joan Titarsolej de landelijke voorzitter is, voorziet wat dat betreft in een behoefte. Twee keer per week - op vrijdagmorgen en op zondag­morgen - worden er onder leiding van ge­diplomeerde trainers kilometers gemaakt. Sinds kort kunnen mensen met een visuele beperking ook bij ons terecht om te gaan wandelen of om zich te bekwamen in nordic walking.’
'Running Blind is een vriendenclub, waar­in ongeacht leeftijd - de jongste is 25, de oudste 80 - iedereen voor iedereen klaar staat. Ook, of misschien wel juist op moei­lijke momenten helpen we elkaar erdoor­heen. Eén of twee woorden zijn genoeg voor een heleboel begrip. Als het over par­ticipatie gaat, hebben wij het uitgevonden.'

Lopend vuur

Rick Brouwer beaamt de woorden van Stoop. Ook voor de met het syndroom van Usher - een erfelijke aandoening die doofblindheid veroorzaakt - geboren Ro­zenburger is Running Blind een uitkomst. 'Sinds ik in Rotterdam hardloop, ga ik als een lopend vuur door het land’, lacht de vijftigjarige gemeenteambtenaar, wiens langst gelopen afstand tot dusverre de tien Engelse Mijl lange Dam tot Dam Loop is. 'Er loopt in Rotterdam een Usher, wordt er gezegd. Mooi toch? Elders in Neder­land heb ik kennelijk andere Ushers aan­gestoken. Bovendien ben ik dankzij Run­ning Blind in staat om sponsorlopen voor ushersyndroom.nl te doen. Dat tekent eens te meer de enorme waarde van deze stich­ting.’
'Als ambtenaar bij de gemeente Schiedam kende ik flexibele adv-dagen. Vanaf het moment dat ik toetrad tot Running Blind is de vrijdag mijn vaste adv-dag geworden. Dan wordt er getraind, hè', zegt hij veelbe­tekenend.
'Mijn leven is door Running Blind enorm veranderd. Ik ben er fysiek veel sterker op geworden en mijn conditie is prima. Ik ben weer een blij mens.'

Vrij

'Daarvoor heb ik wel een blindelings ver­trouwen moeten opbouwen met mijn buddy’, lacht hij uitbundig. 'Bij hem aan het lint voel ik me helemaal vrij. Tachtig procent van de wedstrijden waar ik aan meedoe, loop ik met m’n ogen dicht. Dan geniet ik van de geuren van de natuur en van de ge­luiden. Dat geeft rust, waardoor ik minder energie verbruik en nog meer kan genie­ten. Ga het zelf ervaren, zou ik tegen iedere geïnteresseerde blinde of slechtziende wil­len roepen. Ga het gewoon doen! Dit geeft zoveel plezier!'

Roodborstje

De buddy’s Ceel van Rhee en Dick de Rui­ter horen het enthousiasme van hun lopers lachend aan. 'Een buddy moet altijd ener­gie overhouden’, stelt De Ruiter, ‘Hij moet dus meer vermogen hebben dan zijn loper. Wanneer een buddy op zijn grens loopt, is hij overbelast en gaat hij fouten maken.’ 'Sturen moet een automatisme zijn', besluit Van Rhee. 'Daarbij moet je niet te veel ver­teken en niet te veel praten. Dat leidt alleen maar af en voegt niets toe. Al ligt het ook aan de loper of ik tussen mijn kerntaken door met hem of haar over andere dingen praat.'
'Instructies moeten relevant zijn. "Over vijf meter een kuil in de weg" of "er komt een scherpe bocht aan", snijden hout. Met "kijk, daar zit een roodborstje in de boom" schiet ik elk doel voorbij.'

Tekst en foto's van Rob Weeda, Losse Veter

John Stoop - PR en Communicatie

Naar boven